Berntsen Mulder Advocaten logo

Afbeelding

Berntsen Mulder header afbeelding
24 oktober 2012

Voor ruggenprik het bed niet uit

“Hoe wilt u bevallen?” vraagt de gynaecoloog. “Met een ruggenprik!” roep ik vrolijk. Maar dat blijkt in het ziekenhuis van mijn keuze lastig te zijn. Daar willen de anesthesiologen hun bed niet uit komen voor zoiets onbenulligs als een bevallende vrouw.

Diep verontwaardigd vertel ik dat ik recht heb op een ruggenprik. Ik citeer de richtlijn anesthesiologie voor zwangere vrouwen (een zwangere vrouw moet haar rechten kennen). Iedere barende vrouw krijgt op haar verzoek pijnbehandeling. 24-uurs beschikbaarheid van de ruggenprik hoort aanwezig te zijn.

De gynaecoloog lacht. “U heeft gelijk, u heeft er recht op, maar de anesthesiologen komen hun bed gewoon niet uit.”

In week 42 krijg ik weeën. Om 3 uur ’s nachts ben ik in het ziekenhuis, verrekkend van de pijn, maar strijdlustig. “Ik wil een ruggenprik,” vertel ik bij binnenkomst. De verpleegkundige en verloskundige van het ziekenhuis wringen zich in allerlei bochten om de anesthesioloog niet wakker te hoeven bellen.

Zelfs mijn eigen verloskundige wordt uit haar bed gebeld door de dames: “Wat ik wel niet denk,” vragen ze haar. Maar niets brengt mij van mijn besluit af. Uiteindelijk moeten ze dan toch de anesthesioloog bellen.

Het is een hele vriendelijke anesthesioloog die mij om 5 uur de verlossende ruggenprik geeft. Hemels is dat. Dan voel ik persdrang. Ik blijk na 2 uur discussie en uitstellen inmiddels al 9 cm ontsluiting te hebben. De anesthesioloog kijkt me met grote ogen aan en zegt met medelijden: “Meid, waarom ben je niet eerder naar me toe gekomen, dat had je veel pijn bespaard!”