Berntsen Mulder Advocaten logo

Afbeelding

Berntsen Mulder header afbeelding
06 juli 2015

Twee nachtkastjes en de begrafenis van een poes

Mevrouw Haare* (45 jaar) is aangereden toen ze met haar scooter een kruispunt overstak. Haar rechter bovenbeen is verbrijzeld en haar knie is gebroken. De artsen proberen nog iets te maken van de puzzel aan botjes. Na zeven operaties en vijf jaar revalideren kan mevrouw Haare weer op haar been steunen.

Winstbejag...

Zij blijft de rest van haar leven met een brace om haar been lopen. Ze heeft altijd een kruk nodig. Buigen kan het been niet meer. Mevrouw Haare heeft een verhoogd bed gekocht. Een tweepersoonsbed. Zij was namelijk getrouwd. Bij het bed kocht cliënte de bijpassende twee nachtkastjes. De aansprakelijkheidsverzekeraar van de automobilist die mevrouw Haare had aangereden was daar boos over. De man van mevrouw Haare had toch geen verhoogd bed nodig! Hoe haalde mevrouw Haare het in haar hoofd om twee nachtkastjes te kopen? Mevrouw was duidelijk uit op winstbejag na haar ongeluk.

Woedend

Mevrouw Haare ziet alle brieven en e-mails in deze discussie voorbij komen en vraagt zich af of de verzekeraar gek geworden is. Mevrouw Haare is woedend op de verzekeraar. In het begin van de letselschadezaak deed zij hard haar best om alles zo goedkoop mogelijk te houden. Ze vroeg soms wel vijf offertes aan en keek of ze spullen tweedehands kon kopen om de kosten beperkt te houden.

Verzuurd

We zijn inmiddels een paar jaar verder. Er volgden nog vele nachtkastjes-achtige discussies. Mevrouw Haare doet inmiddels haar best helemaal niet meer om tweedehands spulletjes te kopen als ze weer eens iets nodig heeft door haar handicap. Ze koopt het gewoon nieuw en de bon stuur ik naar de verzekeraar. De relatie met de verzekeraar is verzuurd en ik weet zeker dat de schade hoger is dan dat deze geweest zou zijn als de verzekeraar zich niet zo moeilijk opgesteld zou hebben. ‘Penny wise, pound foolish’ zeggen de Engelsen. En denkt u dat mevrouw Haare zich door deze verzekeraar erkend voelt in haar verdriet en ellende?

Ter vergelijking een andere casus.

Mevrouw Meenk* (68 jaar) heeft ook een ernstig auto-ongeluk gehad. De aansprakelijke partij is verzekerd bij een andere verzekeringsmaatschappij dan mevrouw Haare. Maandenlang was zij aan het revalideren. De schade is fors. Mevrouw Meenk stuurt netjes alle bonnetjes op. De behandeling van de zaak loopt prima.

Poes

Dan stuurt mevrouw Meenk een bon toe voor de begrafenis van haar poes. Ik bel mevrouw Meenk om te vragen wat dat met het ongeluk te maken heeft. Mevrouw Meenk was dol op haar katje. Hij zat altijd bij haar op schoot. Na het ongeluk kon dat niet meer. Mevrouw Meenk zat tijden in het revalidatiecentrum en haar katje zat alleen thuis.

Dood

Eenmaal thuis kon mevrouw Meenk het katje ook niet meer op haar schoot hebben. Het katje ging dood. Mevrouw Meenk is ervan overtuigd dat het katje dood is gegaan omdat hij niet zoveel geaaid en geknuffeld werd als voor het ongeluk. Ze miste haar katje heel erg.

Begrafeniskosten

Juridisch gezien een dubieus verhaal. Maar menselijk gezien heel begrijpelijk. Dan maar overleg met de verzekeraar. Met lood in je schoenen leg je zo’n verhaal dan uit. En wat zegt de verzekeraar? De verzekeraar vond het verschrikkelijk voor mevrouw Meenk dat haar katje overleden was. Of dat nou juridisch helemaal klopte of niet, maakte de verzekeraar niet zo veel uit. Ze zouden de begrafeniskosten van de kat betalen omdat ze begrepen hoe belangrijk dit katje voor mevrouw Meenk geweest was. En ze begrepen dat mevrouw Meenk dacht dat het door het ongeluk kwam. Dat het helemaal niet bewezen kon worden maakte niet uit. “Oh,” voegde de behandelaar er nog aan toe, “als mevrouw Meenk er aan toe is, dan mag ze ook wel een nieuwe kitten uitzoeken hoor, dan betalen wij de kosten wel.”

Beduusd bedankte ik de verzekeraar.
Wat denkt u dat dit gebaar voor mevrouw Meenk betekende?


(*) niet de echte namen

Dit artikel is geschreven door