Berntsen Mulder Advocaten logo

Afbeelding

Berntsen Mulder header afbeelding
11 januari 2011

Hoe ik beslag legde op een kudde schapen en zo geld voor een klant binnenhaalde

Mijn klant was uitbener. Snel met het mes. En zo zag hij er ook uit: lean & mean. We lagen elkaar wel. Toen kwam hij naar mij toe met het verzoek een geldbedrag te incasseren van een schapenhandelaar voor wie hij werkzaamheden had verricht; toch zo’n 15.000 euro. Nu kende ik die schapenhandelaar wel. Het was een oude failliet van me. En die had ik al helemaal ‘uitgekleed’. Ik vertelde mijn klant dus dat ik niet veel van de zaak verwachtte; slechts kosten op het sterfhuis.

‘Maar’, zo zei mijn klant, ‘kun je dan geen beslag leggen op de schapen die hij op de veemarkt koopt?’ En hij vertelde dat de handelaar wekelijks schapen kocht op de veemarkt en naar de  slachterij bracht waar ze werden geslacht voor de handel. Ik werd niet echt enthousiast van dit idee. Nu biedt de wet wel de mogelijkheid om bewarend beslag te leggen op ‘levende have’, maar dat beschouwde ik meer als een relikwie uit oude tijden toen Nederland nog voornamelijk agrarisch was.

Dus merkte ik op, dat beslaglegging nog niet zo eenvoudig was. Allereerst moet je weten wanneer deze ‘roerende zaken ‘ op een plaats zijn waar het beslag kan worden gelegd. Je kunt de deurwaarder, die het beslag moet leggen, moeilijk als een Sherlock Holmes achter de debiteur aansturen. Of, het kan wel, maar dat doet hij gewoon niet. ‘Wel’, merkte mijn klant op, ‘dat regel ik zelf wel. Ik rijd op de veilingdag achter hem aan en bel je op het moment dat hij in de buurt van de slachterij is. Dan kan er beslag gelegd worden.’

En inderdaad zou het beslag moeten worden gelegd, voordat de schapen werden geslacht, want daarna is een schaap geen schaap meer, maar vlees en vlees is voorraad en waarschijnlijk verpand aan de bank. En dan treft het beslag geen doel. Beslag op ‘levende have’ dus. Dat is geen sinecure. Waar laat je die schapen bijvoorbeeld? Dat bezwaar wist mijn klant ook te weerleggen. ‘Ik heb nog wel een weiland, waar die schapen kunnen lopen.’
‘Ja, maar hoe komen die schapen daar dan?, zei ik. Ik zag de deurwaarder al als een schapenhoeder met een kudde schapen rondlopen. Dat zou natuurlijk niets worden. ‘Geen probleem, ik regel wel een veewagen, waarin we de schapen naar het weiland kunnen vervoeren’, zei mijn volhardende klant, die – uiteraard - over een netwerk in de agrarische sector bleek te beschikken. En toen ook de persoon was geregeld die als bewaarder zou willen optreden, kon ik er niet meer onderuit: we gingen het beslag leggen.

Op D-day kreeg ik een telefoontje van de klant dat de schapenhandelaar inderdaad schapen had gekocht en met zijn handel op weg was naar de slachterij. Daar stond al een veewagen van zo’n 20 meter van mijn klant te wachten. En ook de deurwaarder. Groot was dan ook de verrassing bij de schapenhandelaar toen bij aankomst per direct beslag op de schapen werd gelegd, nog voordat ze überhaupt waren uitgeladen.

En toen begon uiteraard het gesoebat. Of er geen betalingsregeling kon worden getroffen? De deurwaarder fungeerde als een ‘postillon d’amour’ tussen mij en de schapenhandelaar (ik was wijselijk op kantoor gebleven; je weet maar nooit). Na alle moeite die we ons hadden getroost hadden we echt geen zin in een afbetalingsregeling. Nu moest het er maar van komen: de schapen zouden worden afgevoerd naar de wei.

Maar zover kwam het niet. De eigenaar van de slachterij kwam naar buiten, gealarmeerd door het tumult voor zijn deur: twee veewagens, blatende schapen en discussiërende mannen. Hij vroeg wat er aan de hand was en toen hij hoorde dat er beslag op de schapen werd gelegd, trok hij een partij honderd euro biljetten uit zijn binnenzak en rekende contant hoofdsom, rente en kosten met de deurwaarder af. Iedereen blij. Zo gaat dat kennelijk in de veehandel.

Later legde ik in een andere zaak nog eens beslag op een 5- sterren Arabische volbloed dekhengst, een wereld beroemd dier. En verdiende daarmee ruim 100.000 euro voor een andere klant. Maar dat is weer een ander verhaal. Vraag er maar eens naar als we elkaar tegen komen.

Dit artikel is geschreven door