Berntsen Mulder Advocaten logo

Afbeelding

Berntsen Mulder header afbeelding
12 mei 2010

Automobilist in Amsterdam iets beter beschermd…

Autorijden in Amsterdam is levensgevaarlijk. Fietsers springen van links en rechts voor je auto. Overal loerend, trek je heel langzaam op. Maar hoe voorzichtig kun je zijn? Voor een groen licht word je toch geacht op te trekken. Alleen dat is al levensgevaarlijk, want voor je het weet, rijd je over een fietser heen en ben je daarvoor aansprakelijk.

Fietsers zijn in het recht beschermd als ‘zwakkere verkeersdeelnemer’. Een kleine aanrijding voor een auto heeft vaak grote gevolgen voor een fietser. Het is dus niet zo gek om de ‘zwakke’ fietser te beschermen tegen de ‘gevaarlijke’ auto. Maar soms doen fietsers wel heel dom.

Er wordt daarom gekeken wie welke verkeersfouten gemaakt heeft bij een ongeval. Als een automobilist na een ongeluk ‘rechtens geen enkel verwijt’ te maken valt, gaat hij vrijuit. Maar daarvan is niet zo snel sprake. Je moet als automobilist namelijk ook bedacht zijn op fouten van andere weggebruikers (waaronder fietsers).

Dat is een lastig punt. Moet ik er over nadenken wat voor onzin andere weggebruikers gaan uithalen? Ja dus! In Amsterdam voor het stoplicht, moet ik me bedenken dat die fietsers die naast me staan straks misschien voor mijn auto duiken. Maar de rechterlijke uitspraken bieden wel ontsnappingsmogelijkheden.

Zo is er een zaak waarbij een donkere man in donkere kleding over een provinciale weg loopt. Na een biertje of zes lijkt het hem handig om schuin de weg over te steken. Dat loopt natuurlijk niet goed af. Een automobiliste ziet de man niet en rijdt hem aan. De man spreekt de automobiliste aan. Zij vraagt zich af: “Wat kan ik er aan doen als een man in het pikkedonker met donkere kleding op een provinciale weg loopt?”

Zelfs de Hoge Raad vindt uiteindelijk dat de automobilist in dat geval niet aansprakelijk is. Ik denk eraan als ik in Amsterdam voor het stoplicht sta. Als een fietser voor mijn auto duikt, dan weet ik tenminste dat ik een kans heb. Toch trek ik heel voorzichtig op. Links, rechts, boven en onder kijkend, of ik niemand plat rijd. Dat is wel zo netjes.